Dancing in the street

Wow, wat is dit gaaf, dacht ik toen ik na anderhalf uur swingen echt los ging op ‘Dancing in the Street’. Da’s nog eens andere manier om helemaal ‘in het NU’ te zijn dan ingetogen op het meditatiekussen. Wat ook fijn en belangrijk is, maar ik was even vergeten hoe meditatief muziek, Jagger en Bowie en helemaal losgaan op de dansvloer kunnen zijn.

We waren op een Feest voor Veertig-plussers, de bijna vijftigjarige echtgenoot en ik, en ondanks ons gegrinnik en gehuiver van te voren over zo’n oude knarren-partij besloten we van de bank en uit de comfortzone te komen. En daar stond ik dus, 47 lentes jong, urenlang te dansen op Prince en Jagger en Bowie – op een Feest voor Veertigplussers. Ik kwam drie mindfulnesscursisten tegen; we moesten alle drie direct heel hard lachen. Blij en bezweet en met een biertje in de hand zagen we mooi even elkaars frivole kant – een heel andere kant dan die we in de cursus hadden gezien.

‘We’re lost in music’ kwam langs, en ‘Boogie Wonderland’, enfin, heel erg eigenlijk, zó jaren negentig, en tachtig, en zó echt voor oude knarren – maar wow, wat lekker. En dat NU dus, hè. Daar zat ik echt helemaal in. Heerlijk, met lichaam en geest totaal in dít moment, langer achter elkaar dan doorgaans op het meditatiekussen.

Maar man, wat een spierpijn de volgende ochtend. Ik kwam het bed bijna niet uit. Ben kennelijk zo ‘in het moment’ geweest de afgelopen jaren dat ik even niet in de gaten had dat er al heel wat momenten voorbij zijn, inmiddels. Echt een oud besje voelde ik me, the day after – maar een blij besje.